
64
Zoodra òf S. en V. door een omvangrijker zinsdeel worden gescheiden òf het S.
nominaal wordt, verdwijnt dit rhythm. type.
2. Bij de zinnen met nominaal subject en omvangrijke scheiding van S. en V. is
neiging om het in rijm staande verbum finitum een rhythm. heffing te laten dragen,
niet te miskennen. Vele verzen hebben een neutraal rhythme. Andere groepen
richten zich naar het verstype , het belangrijkste type van de zinnen
met
aanloop.
3. De zinnen
zonder
aanloop met oude woordschikking zijn dus rhythmisch veel
minder eenvormig dan de zinsgroepen
met
aanloop.
Er is tusschen de verzen van het rhythm. type en een der meest geliefde
verstypen van den Heliand-dichter een zoo opvallende overeenkomst, dat we niet
kunnen nalaten enkele voorbeelden naast elkaar te plaatsen.
Men vergelijke:
Ferg. 1752 Hine hadde niet wíts dan den tánt
2617 Het ne was niet wél te sinen wílle
1702 Dit en was Ferguút niet leét.
met:
Hel. 652b
Si ni habdun thanan gis đeas m r
785b
he ni was ōđrun mánnun gil k
1829b ne wārun an themu lánde gewúno.
5302b
ni was im húgi tw fli.
Men vergelijke:
Ferg. 276 Hine wilde daer hebben níemens cómen
1269 Sine dorste hem gewágen níet
3461 Hine consten syn húut niet ontgínnen.
met:
Hel. 1671b Si ni kunnun ēnig fého wínnan
4977b He ni welda thes thō géhan éowiht
5541b
Hie ni welda thōh thia d d wrékan
5965b
Hie ni welda ina thuo noh k đian te ím
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Comentários a estes Manuais